Posts tonen met het label GB. Alle posts tonen
Posts tonen met het label GB. Alle posts tonen

05 januari 2009

Jonathan Strange & Mr Norrell, Susanna Clark

Ik was op vakantie en ik nam mee: nogal wat boeken. Het goede voornemen was verschillende titels vanuit Indonesië de wijde wereld in te sturen. Uiteindelijk is het me gelukt vier boeken uit te zwaaien, daar staan twee nieuw verworven titels tegenover. Het ene boek kocht ik, het andere vond ik. Het lag op de stapel boeken naast de kassa van een eethuisje. Mijn monomane boekenoog spotte de boekenstapel meteen. Veel titels die mij niet interesseerden en toen ineens deze dikke pil van Susanna Clark. Qua omvang nam ik zo meer boek dan ik gaf.
            ‘Jonathan Strange & Mr Norrell is unquestionably the finest English novel of the fantastic written in the last seventy years,’ aldus Neil Gaiman. Deze waardering, die ik na lezing van de roman zag, zou mij eerder niet dan wel ertoe hebben aangezet dit boek te lezen. Fantasy bekoort alleen met mate, andere verhalen sluiten beter aan bij mijn smaak.
            Gelukkig wist ik het niet van die fantasy en begon ik onbevooroordeeld te lezen over de geschiedenis van de magie in Engeland. Jonathan Strange & Mr Norrell is een meeslepend boek, een absurd, subtiel geestig, grimmig, fantastisch verhaal. Onwerkelijk magisch en toch overtuigend realistisch. In de stijl van een groots negentiende-eeuws overzichtswerk, inclusief voetnoten en een lange lijst geraadpleegde literatuur (allemaal verzonnen). En tegelijk knipoog na knipoog naar vervlogen literaire tijden en gebruiken.
            Hier allerlei extra's over de wondere wereld van Strange en Norrell.

30 september 2008

Child 44, Tom Rob Smith

Seriemoordenaar houdt huis in Stalinistisch Rusland. Hij heeft het op kinderen gemunt, is voor zijn werk veel onderweg en laat her en der in het land zijn gruwelijke visitekaartje achter. In het Rusland onder Stalin komt zoiets niet voor, dat is iets voor het gedegenereerde Westen en vooralsnog worden de moorden niet met elkaar in verband gebracht, maar toegeschreven aan de eerste de beste plaatselijke zondebok, de buitenbeentjes van het sociale arbeidersparadijs. In 1953 was daarom iedereen in de Sovjet-Unie blind voor deze psychopaat. Iedereen? Nee, één man, Leo, gaat een lichtje branden en vervolgens bindt hij de strijd aan met het systeem en gaat hij op zoek naar de moordenaar.
            Ik ben geen thrillerlezer, misschien dat ik daarom minder in de greep was van het verhaal. Ik vond het ook niet zo goed geschreven, er waren vervelende onnauwkeurigheden (had de redacteur moeten rechtzetten), maar onnodiger vond ik de vaak omslachtige beschrijvingen van de gedachten en beweegredenen van de personages. In het begin leek het allemaal scherper en treffender neergezet, de achterdocht, de onmogelijke positie van mensen die klem zitten tussen belangen (eigen hachje, leven van een dierbare, leven van een vriend, leven van een onbekende), het onvermijdelijke verraad, de wroeging van de een en meedogenloosheid van de ander. Vanaf het moment dat Leo besluit niet langer klakkeloos in het systeem te geloven en zijn intuïtie te volgen, ging het mis. Neemt niet weg dat het toch leest als een trein en er allerlei raaks staat beschreven. Je wilt weten hoe het verdergaat, wie waar achter zit.
            Misschien had ik te hoge verwachtingen omdat het een relboek is: men sprak er schande van toen het op de longlist van de Booker stond, een thriller, oei. Men sprak er dus over, mijn nieuwsgierigheid was gewekt. Ik begrijp ook niet waarom het op de longlist staat. Niet omdat het een thriller is, dat lijkt me geen criterium, maar omdat het dus gewoon niet zo goed geschreven en uiteindelijk wat clichématig is, wat volgens mij wel criteria zijn.
            De titel is niet goed gekozen. Dat vierenveertigste kind is een willekeurige in de reeks. Het blijft in het midden om hoeveel kinderen het gaat, het kind dat in het boek ineens wordt aangeduid met nummer vierenveertig is chronologisch niet het vierenveertigste, het stoort mij.

16 september 2008

The consequences of love, Sulaiman Addonia

Naser is een Eritrese jongen die in 1980 op zijn tiende naar Soedan vlucht, waar zijn oom hem en zijn broertje oppikt en meeneemt naar zijn huis in Djedda. Van de regen in de drup, blijkt al snel. Naser is opgegroeid tussen vrouwen, in het streng islamitische Saoedi-Arabië maken mannen de dienst uit en zijn alle vrouwen aan zijn zicht onttrokken. Ze gaan in boerka gehuld over straat en worden ook op allerlei andere manieren afgeschermd van de mannenwereld. Er gaan verhalen rond over vrouwen die liefdesbriefjes laten vallen voor de voeten van een man en zo contact zoeken. Om de liefde of om de verveling te verdrijven?
            Naser ligt al snel overhoop met zijn oom en wordt het huis uitgezet. Oom en broertje vertrekken zonder afscheid te nemen naar Riyad en Naser blijft alleen achter in Djedda, waar de religieuze politie vanachter de geblindeerde ramen van hun zwarte jeeps erop toeziet dat de zedelijkheid wordt bewaard.
            1989: In de hete julimaand heeft de negentienjarige Naser vrijaf van zijn baantje als autowasser. Hij verdroomt zijn tijd onder een palmboom terwijl voor zijn ogen onophoudelijk de zwart-witfilm van passerende abaya's en thoubs draait. De monotonie van zijn dagen wordt doorbroken als een boerkadame een briefje voor zijn voeten laat vallen. Er ontspint zich een klassieke liefdesgeschiedenis, vol tegenslag en voorspoed, aarzeling en overmoed.
            Addonia introduceert een scala aan thema's en doet dat vaak zo dat je niet alleen vanaf de zijlijn meekijkt, maar via de belevenissen van Naser een insiderkijk hebt in de realiteit van de Saoedische maatschappij. Naser becommentarieert bijvoorbeeld niet alleen de positie van de vrouwen in Djedda, op een bepaald moment gaat hij zelf in boerka over straat en dat blijkt oneindig vervelender dan hij met al zijn empathie had gedacht.
            The Consequences of Love is een liefdesverhaal, niet zompig of zijig, maar echt en geloofwaardig. Nasers eenzaamheid en verlangen naar een vrouwelijke hand, niet primair om het erotische, worden zonder overdreven sentimentaliteit neergezet en raken je in je ziel. De Romeo-en-Juliaspanning houdt de vaart erin. Een punt van kritiek dat ik elders las en deel: 'it leaves you misty-eyed, rather than angry. It's as if Addonia loves the love born of misery more than he hates the misery that gave it birth.'
            Slotsom: het lezen waard. Nl vertaling Als gevolg van liefde moet 23 oktober in de winkel liggen.

03 december 2007

The Gathering, Anne Enright

I would like to write down what happened in my grandmother's house the summer I was eight or nine, but I am not sure if it really did happen. I need to bear witness to an uncertain event. I feel it roaring inside me - this thing that may not have taken place. I don't even know what name to put on it. I think you might call it a crime of the flesh, but the flesh is long fallen away and I am not sure what hurt may linger in the bones.

Veronica Hegarty, uit een gezin met twaalf kinderen (plus zeven miskramen), vertelt vervolgens het verhaal over haar jeugd, haar familie toen en nu en haar eigen gezinsleven terwijl ze onderweg is om het lichaam van haar door zelfdoding om het leven gekomen ietwat oudere broer op te halen. Wat gebeurde er in het huis van haar grootmoeder? Heeft die gebeurtenis het leven van haar broer en zijn vroegtijdig einde inderdaad bepaald? En is het werkelijk gebeurd? In haar terugblik verweeft Veronica heden en verleden, fantasie en herinnering.

Het is geen vrolijk verhaal, maar stemde toch niet somber. De zinnen zijn stuk voor stuk prachtig, de stream of consciousness van Veronica danst ondanks de zware ondertoon lichtvoetig van onderwerp naar onderwerp. Even stoorde het me dat het kind Veronica, dat soms ook aan het woord is, zo wijs en met te veel inzicht kijkt en analyseert. Tot me opviel dat niet het kind sprak, maar Veronica de veertiger die zich scènes uit haar jeugd herinnert en met haar volwassen bagage deze herinneringen verwoordt.

Gatwick airport is not the best place to be gripped by fear of flying. But it seems that this is what is happening to me now; because you are up so high, in those things, and there is such a long way to fall. Then again, I have been falling for months. I have been falling into my own life, for months. And I am about to hit it now.

Harry Potter and the Goblet of Fire, JK Rowling, voorgelezen door Jim Dale

Jim Dale heeft een prachtstem met bewonderenswaardig veel facetten en is een zegen voor de insomniatische mens: als je ogen te moe zijn om te lezen en de radio alleen maar foute onderwerpen biedt, gaat de ouwe trouwe cassetterecorder aan en val je snel in slaap. Bij mij werkt het althans vrijwel altijd. Dat betekent ook dat je, met zo'n twee zinnen te gaan voor je wegdoezelt, heel lang over één luisterverhaal doet. The Goblet of Fire, boek vier in de Harry Potterreeks, onderhoudt me al sinds de vroege zomer. Extra luistervertraging had ik doordat A) ik een tijd sliep als een roos en B) bandje elf van de twaalf het ineens leek te begeven, maar dat kon ik onlangs oplossen met behulp van een geavanceerd cassettedeck dat fijngevoeliger met de cassette omspringt dan het draagbare nachtkastjesdingetje. Nu is het dan toch uit en gelukkig, een alternatief is al gevonden.
Memorable quote: 'Decent people are so easy to manipulate', schampert een inslechte volgeling van de Dark Lord. Een waarheid als een koe, het hele verhaal is gebaseerd op de platgetreden tegenstelling van goed en kwaad. En toch is het leuk.

27 november 2007

The Impressionist, Hari Kunzru

De hoofdpersoon, ontvangen in een mesalliance (vader Brit, moeder Indisch), om de hoek van de Taj Mahal geboren in een familie van een hoge kaste als Pran Nath, de zuivere Indiër, belandt op straat, leeft verder als de in alle opzichten misbruikte Rukhsana, wordt al snel streetwise en door karakter en omstandigheden in korte tijd een volleerde opportunist, ontsnapt aan zijn uitbuiters en buit anderen uit als Robert, de brave huisgenoot, c.q. Pretty Bobby, de boodschappenjongen van hoeren en bij gelegenheid pooier, profiteert van zijn blanke trekken en vaart als de Britse Jonathan Bridgeman, wiens identiteit hij aanneemt als de echte Jonathan op straat wordt doodgetrapt, naar Engeland, waar hij een goede opleiding krijgt, likt hielen en meer en verliest zichzelf steeds meer uit het oog.
Pran/Bobby/Jonathan, die van het Victoriaanse India naar het Edwardiaanse Londen reist en vervolgens via Parijs, waar hij in aanraking komt met een expatgemeenschap van zwarte Amerikanen, naar Afrika vertrekt voor een antropologische excursie, eindigt sjokkend op een kameel.

Het boek werd mij aangeraden toen ik op zoek was naar bedriegers in de literatuur. Ik zocht doorgewinterde oplichters. Pran/Bobby/Jonathan licht dan wel deze en gene op, hij is echter vooral een kameleon, neemt gedaante na gedaante aan en ontdekt geleidelijk dat hij juist daardoor niemand is. Hij loopt tegen zijn racistische ideeën aan, neemt afstand van zijn ideaal van de blanke man.

Het verhaal zoog me naar binnen, het boek leek unputdownable, tot Jonathan Bridgeman zijn intrede deed. De sjeu ging eruit. Eerst leek me dat nog goed passen, als Jonathan Bridgeman nadert de hoofdpersoon het meest de kleurloosheid, ik hoopte dat na dat intermezzo de vaart van ruim de eerste helft er weer in zou komen. Dat gebeurde niet.

Hari Kunzru schrijft over zijn boek: 'When The Impressionist was published in 2002 it was translated into 17 languages and won several prizes. On the US Amazon site "A Reader from Fort Scott, Kansas" wrote: "the author is obviously intelligent but obsessed by sexual perversions ... In the author's mind everyone is hiding a deviant sexual appetite." In many quarters this was considered a perceptive response.'

04 november 2007

The Several Lives of Joseph Conrad, John Stape

Joseph Conrad (Józef Teodor Konrad Korzeniowski) werd geboren op 3 december 1857, a.s. december honderdvijftig jaar geleden. Hier wordt op verschillende manieren aandacht aan besteed. Zo is er dit jaar een nieuwe biografie over deze Pools-Engelse schrijver verschenen van Conradkenner John Stape.
Stape heeft toegang gehad tot allerlei nieuw materiaal en dit in zijn boek verwerkt. Dat leidt hier en daar tot wat vermakelijke bruggetjes, dan wil hij kennelijk zo graag een gevonden weetje kwijt. Soms zijn het bruggetjes te ver; Stape werpt zich bijvoorbeeld geregeld op als deskundige op psychologisch gebied en levert dan voor bepaalde handelingen en beslissingen van Conrad verklaringen die weliswaar niet allemaal onwaarschijnlijk zijn, maar ook niet te verifiëren en daarom niet op hun plaats.
Waarom 'De vele levens van Joseph Conrad'? Geboren als zoon van rooms-katholieke Poolse ouders van lagere adel in wat nu Oekraïne is, op jonge leeftijd wees geworden, naar zee gegaan en jaren gevaren, onder meer naar Venezuela en het Verre Oosten, in Engeland beland, daar zijn draai gevonden en begonnen met schrijven (in het Engels), de Engelse nationaliteit aangevraagd en gekregen, zijn ster zien stijgen, getrouwd en twee zoons grootgebracht, gestorven.
Een boek vol Conradweetjes, aardig voor geïnteresseerden in Conrad en zijn werk evenals voor doorgewinterde biografielezers. De Nederlandse vertaling komt deze maand uit (naar verluidt opmerkelijk soepel vertaald).

05 augustus 2007

The Good Soldier - A Tale of Passion,
Ford Madox Ford

Berekenende naïeveling trouwt met en laat zich bedotten door manipulatief kreng. Ze ontmoeten een verwende zeurpiet en zijn verzuurde vrouw. Iedereen liegt en bedriegt, de onsympathieke ik-verteller (de naïeveling) vertelt dit treurigste verhaal dat alleen treurig stemt omdat een stelletje egocentrische ijdeltuiten kennelijk niets beters te doen heeft dan onder het mom van fatsoen elkaar het leven zuur te maken.
Een herlezing van wat, als het aan Ford had gelegen, als The Saddest Story was uitgebracht. Ford was bevriend met Conrad, wiens Lord Jim ik ook aan het (her)lezen ben. Alles grijpt in elkaar.
Op de achterflap zegt Graham Greene dat hij het verhaal ontelbare keren heeft gelezen 'every time to discover a new aspect to admire'. Ik kon het dit keer niet waarderen, werd ongedurig van de sombere vertelling en de onbetrouwbare, harteloze verteller en las het alleen uit omdat ook deze bekende geschiedenis verband houdt met een huidig werkproject. Misschien oordeel ik op latere leeftijd milder.

29 juli 2007

Harry Potter and the Deathly Hallows, J.K. Rowling

Hmm, wat een anticlimax. Ik heb het wel uitgelezen, hoor, ik wilde te graag weten hoe het zou aflopen en hoe eindjes zouden worden afgewerkt. Wees gerust, lieve lezertjes, ik verklap niets.
Dit is dus typisch zo'n project dat de maakster compleet boven het hoofd is gegroeid. Ze raakt verstrikt in een onontwarbare kluwen en gaat dan flauw goochelen met 'a realm of magic previously unknown to us' of iets dergelijks, ik weet de exacte bewoording niet meer, om de brave borsten in HP-land onwaarschijnlijkst door het verhaal te loodsen. Er vallen wel flink wat doden, ook braveriken sneuvelen bij bosjes.
'Methinks she allowed an editor near this one', merkte een Amerikaanse lezer op. Prettig, dacht ik. Had ik een speciaal redactievrij exemplaar te pakken (dat ik trouwens had geleend, waarvoor mijn dank, want ik was bijzonder lees- en nieuwsgierig)? Ik struikelde al snel over verschillende apostrof- en stelfouten. Qua taal was het verder wel te doen, maar de talige fouten liepen mij hier meer in het oog dan bij vorige delen (misschien was ik er meer alert op door de opmerking van die andere lezer).
Waarom heeft niet iemand gezegd 'Hey JK, how about condensing a bit and concentrating on the main story'. En dan die ellenlange uitweidingen over al die personages met lange tenen die met hun gevoelens worstelen. De zoetige epiloog deed de deur dicht. Poe.

09 juli 2007

Heart of Darkness, Joseph Conrad

Naar aanleiding van een nieuw werkproject haalde ik deze klassieker uit de kast. Volgens de potloodstreepjes her en der heb ik het ooit met aandacht gelezen, maar ik kon me er weinig tot niets van herinneren. Die eerste lezing moet dan zo'n twintig jaar geleden zijn geweest, dus wie weet heb ik over twintig jaar weer de leeservaring als nieuw met dit fraaie verhaal. Het zit ingenieus in elkaar, het onderwerp is niet vrolijk, maar ik moest ook grinniken, met name bij sommige passages in het derde hoofdstuk. Marlow is een sympathieke ik-verteller, Kurtz een begrijpelijke gek.

'Hoe is het om zo'n klassieker te herlezen?', vroeg een andere lezer. Zij was net weer begonnen in Deutschstunde van Siegfried Lenz en het begin vond ze taai, terwijl ze het heel anders in herinnering had. Die ervaring had ik, nog los van de wel bijzonder vage herinnering die ik aan Heart of Darkness had, bij Conrad niet. Het verhaal fascineerde vanaf pagina één en hield tot het eind mijn aandacht. Conrads doorwrochte zinnen houden je scherp, maniakken zijn van alle tijden.
Ook ik heb alleen positieve herinneringen aan Deutschstunde en ik ben al enige tijd van plan het weer op te pakken. Of het dan ook tegenvalt? Ik hoop het niet.

23 mei 2007

The Short Day Dying, Peter Hobbs

1870, Charles Wenmouth, een jonge leerlingsmid en Methodistische lekenpriester in de meest verlaten uithoek van Cornwall, maakt door de week lange dagen in de smidse en legt op de sabbath grote afstanden af, te voet, om te preken voor steeds kleinere aantallen gelovigen. Wenmouth is doordrenkt van zijn geloof, ziet God echter niet alleen in kerk en bijbel, maar ook in de natuur om hem heen. Zijn geloof wordt flink op de proef gesteld als zijn beschermelinge Harriet French, een doodziek blind meisje, sterft. Hij zit in een neerwaartse spiraal en trekt je mee naar beneden. Het verhaal vertelt het jaar rond, Wenmouth bezoekt met kerst zijn moeder en broers, de scherpte is uit zijn rouw om Harriet, waar hij zonder het zelf te erkennen liefde voor voelde, hij gaat door.
Zo'n apart boek. Om te beginnen: er staat geen enkele komma in. Je zit in het hoofd van Wenmouth, in zijn stream of consciousness, het dwingt je langzaam te lezen, het werkt. Al snel kreeg ik tijdens het lezen beelden in zwart-wit en grijstinten, van die ouderwetse foto's. Toen las ik: 'A broken flock peppered the sky today like seed thrown upwards and scattered by the winds.' Daarna kwamen de zwart-witbeelden steeds vaker boven.
Ook Wenmouth constateert trouwens waar de ziel zetelt: 'When we speak of what is at the core of us we say our hearts well I think our bellies represent the essence of it equally.' Wat verrassend, Wenmouth meets Hildegunst.

07 april 2007

On Chesil Beach, Ian McEwan

De nieuwe novelle van Ian McEwan trok als een magneet, te meer daar de auteur naar aanleiding van het uitkomen van de Nederlandse vertaling van zijn boek volgende week in Nederland is en ik zeker bij een van zijn lezingen zal zijn. Ondanks strikte boekenkoopstop snel bij Bol geshopt (dankzij de bonnen die ik regelmatig ontvang en ach, die boekenkoopstop werkt dus echt nooit). Het plan was op de mooie paaszondag in de licht verfraaide tuin een lange leessessie te houden. Bol hield woord, voor 21.00 uur besteld, volgende dag in huis en zo lag On Chesil Beach al sinds gisteren te lonken. En te lonken. En vanmiddag zwichtte ik. En nu is het uit.
Het ontroerende en psychologisch sterke en genuanceerde verhaal heeft me met immense weemoed vervuld. Dat McEwan de menselijke psyche zo goed doorheeft en dat dan ook nog zo fraai weet te verwoorden, wist ik al sinds Saturday. Ook deze novelle nadert het volmaakte verhaal.
'They were young, educated, and both virgins on this, their wedding night, and they lived in a time when a conversation about sexual difficulties was plainly impossible.' De openingszin vat het hele verhaal samen. Het is 1962, twee jonge twintigers trouwen nadat ze elkaar een klein jaar kennen, het nu is hun huwelijksnacht, in tussenliggende passages kijken we terug op hun beider jeugd en de korte verkeringstijd voorafgaand aan het huwelijk. Beide zijn zelfstandig en ambitieus en seksualiteit is onontgonnen gebied. Hij, historicus, kijkt vol verwachtingsvolle spanning, ontzag en verlangen uit naar de huwelijksnacht, zij, violiste, vol verscheurende angst, twijfel en wanhoop. Allemaal onkunde en dan zijn ze ook nog onvoldoende toegerust om zonder gêne dingen te benoemen waarvan ze bovendien deels niet eens wéten hoe ze heten. Geen goed recept. Haar muzikale activiteiten zijn met het verhaal verweven, veel van haar emoties vinden in haar onmiddellijke spiegeling in fragmenten uit allerlei (kamer)muziekstukken. Prachtig en fijn als je die muziek ook kent.
Met de tweede zin 'But it is never easy.' beperkt McEwan het verhaal niet tot die specifieke, seksueel meer restrictieve tijd en evenmin tot de specifieke problematiek van de personages.
Kleine min: aan het eind wordt het grote stappen, snel thuis. Ach, je hebt dan al zoveel plussen binnen, het minnetje is gering.
'Ik koop het, lees het en geef het door', dacht ik optimistisch. Dit verhaal wil ik echter nog even niet kwijt. Nu terug naar de non-fictie, die prevaleert al een tijd, veel veiliger, niks geen weemoedige gedachten over la condition humaine, twijfel over de juistheid van beslissingen, gemijmer over wat had kunnen zijn.

20 november 2006

The Shadow in the North, Philip Pullman

Wat had ik dan verwacht?
Dit: genoten van de trilogie His Dark Materials, escapisme pur sang, heel simpel geconcludeerd dat ook ander werk van Pullman geknipt zou zijn voor een druilerige middag. Zo gebeurde het. Het druilde en ik nestelde mij op de bank met Pullmans The Shadow in the North. Dat pakte heel anders uit dan gehoopt. Wat een flutboek, zeg. Wat een melodrama, wat een suspense van piet met z'n petje, wat een moraliserend ondertoontje, fatsoen moet je doen, bah, bah, bah. Welke 'young adult' maak je hier nou blij mee? Nauwelijks verkapte boeketromantiek, kleffe vertelling.
Kennelijk zat de verkeerde greep nog in de boekenhand.

31 oktober 2006

Small Island, Andrea Levy

Misschien heb ik mijn draai niet. Of ik heb even een ongelukkige hand. Dit boek bekoorde niet. Ik vond het niet slecht, maar het trok onvoldoende en ik bladerde steeds sneller, sloeg zinnen, alinea's, hele hoofdstukken over.
Het deed me in de verte denken aan MacDonalds Fall On Your Knees, wat ik overigens heel graag heb gelezen. Ik vermoed dat ik nu niet in de mood ben voor zo'n saga. Exit Small Island.

13 oktober 2006

Saturday, Ian McEwan

En meteen een volgend verbluffend goed boek gelezen. McEwans Saturday had me vanaf de eerste pagina in zijn greep, ik las en las en las het uit. Vierentwintig uur uit het leven van de 48-jarige neurochirurg Henry Perowne, op de vooravond van de inval in Irak. Dit speelt op de achtergrond, komt soms naar de voorgrond, is altijd aanwezig. Maar deze roman is veel meer dan een verhaal rond actuele gebeurtenissen (wat volgens velen, met name Joost Zwagerman, de Nederlandse hedendaagse literatuur zo node zou missen) en daarom is het zo goed. De gebeurtenissen zijn relevant, de roman ontstijgt de actualiteit.
            McEwan bewaart de Aristotelische eenheden, niet gestileerd, maar ongemerkt en elegant. Prachtig hoe in de climax poëzie wordt ingezet als wapen, het is zo idealistisch, in het verhaal overtuigt het volledig. Stel je de wereld voor waar poëzie wreedheid uitschakelt.
            Enig minpuntje: soms was het iets te uitleggerig, heel soms, ik struikelde er misschien één of twee keer over. 't Is een minpuntje van niets, een hobbeltje.
            Een groot geluk dat ik McEwan na dat vervelende, rammelende, clichématige Amsterdam nog een kans heb gegeven.

Klik op het boekplaatje als je wilt lezen wat anderen ervan vonden.

05 september 2006

Nogmaals: The Hitch Hiker's Guide to the Galaxy, Douglas Adams

Ik ben nu in het bezit van de complete Original BBC Radio Broadcast van dit notoire verhaal en hoera, het heet terecht original, hier wordt duidelijk hoe de hype ontstond. Het oorspronkelijke radiohoorspel is zoveel geestiger dan die rare boekbewerking. Het is echt immens flauw, dat hoeft geen minpunt te zijn. Interessant dat de geslaagde flauwe toon is getroffen in het hoorspel, terwijl die in het boek dus helemaal verkeerd doorslaat.

05 augustus 2006

The Hitch Hiker's Guide to the Galaxy, Douglas Adams

Dit is humor. Zeggen ze. Ik heb volgens mij nooit eerder zoiets flauws en onverrassends gelezen; het ontstijgt nergens het puberale niveau van pukkelige jongens met de eeuwige baard in de keel. Misschien is het wel aardig in de audioversie.

De andere delen laat ik lekker links liggen.

02 augustus 2006

Aberystwyth Mon Amour, Malcolm Pryce

Het Chandleresque verhaal van Pryce leest als een archetypische, 'hardboiled' Amerikaanse film noir die zich afspeelt in Aberystwyth. Het klinkt bizar, het werkt.

Private eye Louie Knight leidt een zeer rustig leven in Aberystwyth, zijn zaken gaan voor 99% om overspel, of niet, dat moet ie dan uitzoeken. Saai, saai, saai. Maar dan komt nachtclubster Myfanwy Montez, de diva van Aberystwyth, zijn kantoor binnen. Ze vraagt hem na te gaan waar haar neefje Evans the Boot is gebleven. De neef is een notoir rotjoch, Louie's speurzin wordt niet bepaald aangewakkerd. Hij neemt de klus niet aan, doet dan toch wat navraag, misschien om het gewisse Etwas van Myfanwy, en ontdekt dat er meer schooljongens zijn verdwenen, waarvan een aantal vermoord terug is gevonden. Louie raakt verzeild in een heerlijk ondoorzichtig wespennest, de personages zijn allemaal zo flat als wat, 't is een Dick Tracy op papier met idiote toevoegingen als de druïden die optreden als de mafia van Aberystwyth, veteranen uit de oorlog in Patagonië (het Vietnam van Wales), sowieso prachtige verwijzingen naar die oorlog, wat twilight zone met een echte spooktrein en een heks, een psychotische sportleraar en veel meer.

Je hoort de stem van Bogart het verhaal vertellen, dat het in Aberystwyth speelt is compleet incongruent en dus geestig, naar het eind toe wordt 't alleen maar raarder en toch blijft 't verhaal tot het laatst leuk.

Ik heb het puur per toeval ontdekt. Eerder dit jaar vond ik in een ramsjdoos Last Tango in Aberystwyth, opvallende kaft, Aberystwyth associeert goed (ooit in Wales geweest en dat was alleen maar geslaagd) en het boek was spotgoedkoop, dus gekocht. Thuis ontdekte ik dat dit het vervolg was op Aberystwyth Mon Amour, dat had ik dankzij BookCrossing ook snel in huis. Vorige week was ik bij de American Book Center, daar lag, eveneens afgedankt, deel drie, The Unbearable Lightness of Being in Aberystwyth. Ik ben benieuwd naar die vervolgverhalen.

Klik op de foto als je wilt lezen wat anderen ervan vonden.

31 juli 2006

Vertel me de waarheid over de liefde, W.H. Auden, vertaling Willem Wilmink

Eerder dit jaar las ik Wilminks vertalingen van Audens liefdesgedichten gebundeld in Tell me the Truth About Love. Ik had vergeten het hier te melden, misschien omdat ze niet in de smaak vielen?

De vertalingen zijn van wisselende kwaliteit, sommige matig, andere echt slecht. Wilmink slaat de plank flink mis. Hij zit consequent in een ander register dan Auden, au, au, au. Vaak geven de Nederlandse woorden net een andere toon aan beelden, regels en ook wel het hele gedicht.

Boven alles prefereer ik hier het origineel: Audens gedichten zijn genuanceerd, subtiel, fraai. Het verschil is al zichtbaar in de kaft, die van het Engelse bundeltje decent en prettig, die van de Nederlandse vertaling opzichtig rood met een foto van, jawel, Hugh Grant, een lompe verwijzing naar Four Weddings and a Funeral, waarin Funeral Blues wordt voorgedragen.

Het enige pluspunt was dat ik hierdoor de gedichten van Auden herlas, in het Engels, die vertalingen wil ik niet in m'n hoofd hebben.

En dan die ergernis dat de bundel Vertel me de waarheid over de liefde heet, terwijl het titelgedicht O, zeg me wat liefde beduidt (O Tell Me the Truth About Love) luidt.

Nee, dit was geen genoegen.

Klik op de foto als je wilt lezen wat anderen ervan vonden (weinig positiefs, kan ik hier al verklappen).

17 juli 2006

The Sunday Philosophy Club, Alexander McCall Smith

Een tussendoortje, leest snel weg, vluchten, vluchten, vluchten.

't Is een lappendeken, McCall Smith wil kennelijk van alles kwijt en gebruikt daarvoor als kapstok het verhaal van de fatale val van een jongeman in een Edinburghse concertzaal. Isabel Dalhousie, de Miss Marple van het verhaal, is filosofe en redacteur van Review of Applied Ethics en ziet hem vallen. Zij heeft een professionele interesse in goed en kwaad en het verhaal is doorspekt met haar bespiegelingen over moreel juist gedrag. Best interessant, maar de samenhang ontbreekt. Isabel gaat op onderzoek, volgt hoofdstuk na hoofdstuk een warrig spoor, lezer volgt mee, met een licht onbevredigend gevoel en terecht! Het blijkt een compleet dwaalspoor! Beetje flauw.

McCall Smith lijkt verder een archief vol anekdotes te hebben en die voegt hij te pas en met name te onpas in het verhaal. Het was heel vermakelijk te lezen, ook een beetje flut. Soms is vermakelijke flut precies wat je nodig hebt. Voor mij was dat vandaag dit boek. En het speelt in Edinburgh, prachtige stad, waar ik hoopte deze zomer te zijn, dat gaat helaas niet door, er komen vast nieuwe kansen.

Klik op de foto als je wilt lezen wat anderen ervan vonden.