Gisteravond was Daniel Kehlmann in Amsterdam. Arnon Grunberg had een gesprek met hem en Felix Meritis zat vol. Het was een avond in het kader van de zogenaamde Versus-ontmoetingen. Vorige week was er ook zo'n avond met Uwe Timm en Adriaan van Dis, die ik uit extreme moeheid op de valreep niet bezocht. Daar heb ik geen spijt van gehad, die avond draaide namelijk uit op een allenus, Van Dis kwam niet en Uwe Timm, die ik bewonder en graag lees, had ik al eerder live meegemaakt, dus een toegevoegde waarde had die avond voor mij niet direct gehad.
De volgende ontmoeting van een Duitse en Nederlandse auteur wilden we niet mislopen en zo luisterden wij gisteren naar een gesprek, voertaal Duits (Grunbergs bijzonder goede uitspraak en originele naamvallen), tussen Kehlmann en Grunberg. Onderwerp van gesprek was met name Kehlmanns nieuwste boek Ruhm en de verschijning van de Nederlandse vertaling Roem (vertaald uit het Duits door Jacq Firmin Vogelaar, informatie die je niet makkelijk achterhaalt, zelfs Querido, Kehlmanns Nederlandse uitgever, vindt het niet nodig de vertaler op de productpagina te vermelden).
Ik heb Ruhm niet gelezen, wel Die Vermessung der Welt en dat met veel plezier. Het verhaal in Ruhm ontspint zich uit het gegeven dat iemand de identiteit van een ander aanneemt, nadat hij bij herhaling is opgebeld met de vraag of hij die persoon zou zijn. Klinkt bekend. ‘It was a wrong number that started it, the telephone ringing three times in the dead of night, and the voice on the other end asking for someone he was not.’ Openingszin van Austers New York Trilogy.
Nieuwsgierig naar Ruhm maakte de avond zeker. Kehlmann sprak weliswaar niet met ‘een aangename, rodewijn-donker, bronskleurige stem’ (ik heb geen flauw idee hoe rodewijn-donker klinkt, het verslag van die vorige Versusavond is de moeite van het klikken en lezen waard, want wat is het? slecht vertaald uit het Duits? Nederlands van een Duitstalig persoon?), maar was wel onderhoudend, vertelgraag en gevat. Ter oriëntatie op zijn onderwerp had hij zich ondermeer verdiept in het forumgedrag van internetgebruikers. Wat hij, geestig geformuleerd, vertelde over de grote verongelijktheid die je daar aantreft en het ongenuanceerde gescheld op sommige fora strookt volledig met eigen ervaringen. Hij las een passage uit zijn boek voor, virtuoos, je zult het maar moeten vertalen. Rare dingen zei hij trouwens ook, bijvoorbeeld die opmerking dat hij volledig begreep dat Günter Grass zijn SS-verleden had verzwegen om zijn kansen op de Nobelprijs voor Literatuur niet te vergooien. Belachelijk.
Posts tonen met het label DE. Alle posts tonen
Posts tonen met het label DE. Alle posts tonen
28 maart 2009
15 september 2008
Der Weltensammler, Ilija Trojanow
Burton wil én moet reizen, is ein Fremdling überall, zieht fremd ein en fremd wieder aus. Waar hij ook komt, hij blijft nieuws- en leergierig, verdiept zich in de lokale gebruiken, wil talen die hij nog niet spreekt leren en lijkt een immens aanpassingsvermogen te hebben. Toch blijft hij overal die vreemdeling; zijn landgenoten vinden hem een rare, in de andere culturen blijft hij de buitenstaander, al weet hij die rol bij vlagen te ontvluchten.
Iedere inhoudelijke samenvatting doet deze kleurrijke, veelgelaagde roman tekort, de grote verhaallijnen klinken misschien al aardig, maar de charme van Trojanows vertelling zit in de details, de rijke woordkeuze, de fraaie zinnen, de stilistische pracht, de inherente levenswijsheid. Iedere reis van Burton beslaat één deel, ieder deel heeft een eigen opbouw met een afwisseling van vertelperspectieven. Een schitterend boek, duizend-en-één verhalen, zoveel observaties over het leven, het zijn, de anderen, de zin.
Ilija Trojanow is van oorsprong Bulgaars, vluchtte op jonge leeftijd met zijn ouders via Italië naar Duitsland, het gezin verhuisde kort daarop naar Kenia, later keert Ilija terug naar Duitsland om in München te studeren.
03 december 2007
Was deine Katze wirklich denkt, Robert Gernhardt
06 juli 2007
Die Kunst des Liebens, Erich Fromm
Liefde is d'eenge kracht die de ziel naar boven
draagt tot de sfeer van het eeuwige leven
van zelf; zij bevleugelt ook 't laagste streven
daarom wil ik haar boven alles loven.
Als ontgoocheling en twijfel ons ontrooven
geloof dat menschheid eens omhoog zal zweven,
laat ons dan 't wonder der liefde beleven
een oogwenk maar: wij zullen weer gelooven.
Al het moeitevolle inwendig schouwen
en heel de spanning van de zielekrachten
verwerven zwaar, wat Liefde spelend wint;
daarom moet men op haar uitvloeiïng bouwen
het nieuwe rijk, en de taak der gedachte
is dat zij alle poorten open vindt.
Henriëtte Roland Holst (1869-1952)
18 april 2007
Traumnovelle, Schnitzler
Zo zat Schnitzler in mijn hoofd en toen ik langs de boekenkast liep, knipoogde zijn Traumnovelle naar me - de mooie vormgeving van het boekje, de reproductie van Schiele, ik had het een keer niet kunnen laten staan en zo'n klassieker moet je gewoon in huis hebben - en ik (her)las het op een zonnige zondag.
Schnitzlers Traumnovelle is het ultieme 'onbewuste' verhaal: wat speelt zich zoal in de geest af, hoe uit zich dat, wat drijft ons onbewust? De hoofdpersonen Albertine en Fridolin worstelen met trouw en ontrouw. Waar begint ontrouw? Zijn fantasieën alleen al gevaarlijk? Wat brengen zij aan het licht? Bij Albertine gaat het allemaal erg onbewust, zij heeft een heftige droom waarin ze zonder enige emotie toekijkt hoe haar man de strop krijgt terwijl ze zelf in een soort orgie is beland en het daar ook wel naar haar zin lijkt te hebben. Fridolins fantasieën lijken zich meer in zijn werkelijkheid af te spelen, maar is dat echt zo? Wat fantaseert hij en wat maakt hij mee? Aan het begin van het verhaal zijn beiden zeer verliefd en gelukkig met elkaar, in het tijdsbestek van een etmaal nemen ze grote afstand van elkaar, verrassend is dat ze zich aan het einde toch weer vinden.
Zo'n fraai verhaal moet je eens in de zoveel tijd herlezen.
Ik wog me een ongeluk.
15 februari 2007
Lees ik nog wel?
Ik lees querbeet door Kästners Lyrische Hausapotheke, meermaals, want, zegt mijn held van toen en nu: "Die Katharsis ist älter als ihr Entdecker und nützlicher als ihre Interpreten". Heeft ie toch mooi een eigen recente gedachte verwoord. Ik las beklemmende verhalen van Wolf Dietrich Schnurre, verstilde eenvoud in een verhaal van Ina Boudier-Bakker (titel van het bundeltje ben ik kwijt, het bundeltje zelf ligt ongetwijfeld op een van de stapels*), nu ook begonnen in haar De eeuwige ander, hecht geformuleerd, intreurig en ik vrees dat dat alleen erger wordt; voorts las ik de eerste pagina's van Tjechovs De dame met het hondje in het Russisch, toen kon ik even niet meer, over wankelmoedigheid in Het Dwaallicht van Elsschot, in de kranten artikelen over wat onze werkelijkheid heet te zijn, maar soms meer weg heeft van de twilight zone, over de liefde volgens Erich Fromm, over Pablo Casals die weer inspireert en dan zit ik regelmatig te watertanden bij langzame recepten en lees ik de avonturen van Kleine Beer voor, die jaren terug al ook mijn hart heeft gestolen. Er wordt altijd gelezen!
*Gevonden, het heet Honger en ligt inmiddels waar? Op een andere stapel, ergens.
26 december 2006
Die Stadt der träumenden Bücher, Walter Moers
Die Stadt der träumenden Bücher speelt op het fictieve continent Zamonien, waar allerlei fantasieschepsels leven. Het boek zou een vertaling uit het Zamonische zijn van een selectie uit de omvangrijke, meer delen omvattende reisherinneringen van Hildegunst von Mythenmetz, sentimentele dinosaurus, poeta laureatus. Mythenmetz gaat op reis, op zoek naar de onbekende auteur van een korte, volmaakt geschreven tekst. Zo belandt hij in Buchhaim, de „stad van de dromende boeken“. Mythenmetz is onervaren en naïef, wordt erin geluisd en door de boosdoeners afgescheept naar de beruchte catacomben onder Buchhaim, een complex en duister labyrint vol boeken, slechteriken, brave borsten en ongekende gevaren. De jonge Mythenmetz slaat zich er doorheen, is aan het eind van zijn queeste ouder en wijzer en heeft dan ook geleerd hoe hij zijn schrijversschap vorm moet geven.
Volgens Sebastian Domsch van Die Tageszeitung is deze roman „nicht nur ein Muß für Moers-Fans, sondern für alle, die Literatur lieben“. Da kommt man als Leser nicht umhin. Ik heb het graag gelezen. Soms werd het me wel iets te fantastisch. Het is een dik boek, helaas door overbodige passages, het boek is te lang. Het is echter ook zeer vermakelijk en je went aan de rare schepsels in Zamonien, de medemens is vaak oneindig raarder dan zo'n lezende dinosaurus.
Een belangrijke rol is weggelegd voor de zogenaamde Buchlinge, cyclopen die uitsluitend voorkomen in de catacomben van Buchhaim. Iedere Buchling leert tijdens zijn leven het complete oeuvre van een auteur, naar wie hij dan ook is vernoemd, uit het hoofd. Een aardigheid is dat hun namen allemaal anagrammen zijn van meer of minder bekende auteurs, veel Duitse, maar ook wel anderstalige. Dat moet een hele klus zijn geweest voor de vertalers van dit boek, ik verwacht althans dat dit aangepast is aan het taalgebied van de doeltaal. Een prominente Buchling is Ojahnn Golgo van Fontheweg (Johann Wolfgang von Goethe), haha. Perla La Gadeon (Edgar Allan Poe), ook leuk. De Buchlinge gedragen zich naar hun naamgever, ja, leuke truc. Bij sommige anagrammen is het een heel gepuzzel. Het schijnt een running gag van Moers te zijn, hij anagramt wat af in zijn Zamonien-boeken.
De sympathieke Buchlinge grossieren in aforismen.
„Lesen ist eine intelligente Methode, sich selber das Denken zu ersparen.“
„Dicke Bücher sind deswegen dick, weil der Autor nicht die Zeit hatte, sich kurz zu fassen.“ (goede raad voor de auteur?)
„Schreiben ist der verzweifelte Versuch, der Einsamkeit etwas Würde abzugewinnen – und etwas Geld!“
„Fußnoten sind wie die Bücher im untersten Regal. Die guckt sich keiner gerne an, weil er sich bücken muss.“
„Wenn ein Punkt eine Mauer ist, dann ist ein Doppelpunkt eine Tür.“
etc., etc.
Tot slot mijn favoriete uitspraak in het boek, een gedachte van Hildegunst, die na het nuttigen van een eenvoudig hapje zijn evenwicht hervonden constateert: „Es ist nicht das Gehirn, das unser Bewußtsein bestimmt. Es ist der Magen.“
27 september 2006
Familienleben, Viola Roggenkamp
Op de achterflap is Elke Heidenreich enthousiast. Wie is Elke Heidenreich? Een veelzijdige en verstandige Duitse vrouw die sinds april 2003 bij de ZDF het boekenprogramma Lesen! presenteert. Ik heb een aantal van de eerste afleveringen gezien, wel een aardig programma, sympathiek omdat het onomwonden om haar subjectieve boekenvoorkeur gaat. Heidenreich leest graag en veel, er komt daarom van alles aan bod.
Familienleben zou haar gelukkig hebben gemaakt. Mij maakte het eerder ongelukkig, een onsamenhangend verhaal verteld vanuit een kinderlijk perspectief dat van de hak op de tak springt. Die Zeit had het over „Witz, Bildkraft und Wärme“, die ben ik niet tegengekomen. Aan het eind van de reis heb ik het boek snel gesloten. Het boek reist verder via BookCrossing.
14 september 2006
Die Vermessung der Welt, Daniel Kehlmann
Met die ontmoeting begint het verhaal. Verder kijken we terug, twee biografieën van twee bijzonder begaafde mannen, hoe ze opgroeien, hun weg vinden, al snel merken dat ze anders (want geestelijk sneller) zijn dan vrijwel iedereen in hun omgeving, steeds weer nieuwe gebieden ontdekken waar ze hun geest op uit kunnen leven en trachten hun weg te vinden.
Ik heb het boek bijna in één zitting gelezen, met een flinke onderbreking om het op te nemen tegen koude krachtige Noordzee-golven (golven hebben gewonnen, ik werd genadeloos onderuit gehaald). Een zeer goed geschreven boek, zeer geestig, zeer ironisch, spot en zelfspot - een van de personages spreekt met dédain over historische romans, met name de biografische variant. De historische context is, waar of niet, zeer interessant, het zijn twee boeiende levens. Beide personages worden vooral gedreven door kennis, meer, meer, meer, de hersenen willen niet rusten. Ze zijn ieder op eigen wijze eigenzinnig, op het knorrige af, niet bepaald sympathiek, wel zeer menselijk.
Onthouden, Daniel Kehlmann.
Klik op de foto als je wilt lezen wat anderen ervan vonden.
28 juli 2006
Eine Frau, eine Wohnung, ein Roman, Wilhelm Genazino
De jaren zestig in Hessen. De ik-persoon Weigand wordt met 17 van school geschopt, wat hem niet zo raakt, hij heeft alleen maar belangstelling voor het literaire leven en wat hij daarvoor, volgens hemzelf, nodig heeft: een vrouw, een flat, een zelfgeschreven roman, en wel in die volgorde. De vriendin heeft ie al, inclusief gezamenlijk spaarrekening, de relatie wordt bewust niet geconsumeerd, ze wachten tot na het huwelijk.
Weigands moeder is praktischer ingesteld en gaat met haar zoon op zoek naar een werkplek. Het gaat niet vanzelf, maar uiteindelijk vinden ze iets voor hem bij een transportbedrijf. Tegelijk publiceert een lokale krant zijn eerste stukjes.
Zo begint een dubbelleven: overdag werkt Weigand als leerling bij het transportbedrijf, 's avonds observeert hij als journalist het provinciale burgerbestaan en schrijft hij over de handtekensessies van Duitse Schlager-zangers, de Italiaanse weken in het plaatselijke warenhuis, de Je-Ka-Mi-avond (Jeder kann mitmachen ..., een talentshow) in de kroeg. Hij voelt zich een hele piet. Maar niet lang. Hij observeert en observeert en voelt zich steeds meer verwijderd van de mensen die hij observeert. Het gaat uit met de vriendin, hij heeft vage contacten met andere vrouwen, de vrouw lijkt van de checklist te verdwijnen. Hij krijgt een aanbod om als redacteur bij de krant aan de slag te gaan, maar kiest voor het transportbedrijf. Hij wil werken als arbeider, freelance stukjes schrijven en de roman laten rijpen. Tegen het eind vindt hij toevallig een flat en daar mijmert hij verder over zijn roman.
Zo zit hij, eerste weekend helemaal op eigen benen, op een zaterdagochtend in een café. Ich sah auf mein Frühstück herunter und wartete auf das Aufzucken des ersten Wortes.
Dit is een Duitse Portrait of the Artist as a Young Man met een dikke knipoog. 't Is geen hilarisch verhaal, wel bij vlagen erg geestig en bij andere vlagen intens treurig. Weigand ziet alles om hem heen en doet daar minutieus verslag van. Het resultaat is een mooie, zorgvuldig vertelde roman. Van Genazino wordt meer gelezen.
Eine Frau ..., been there, done that, afgevinkt;
eine Wohnung ... valt 'm in de schoot;
ein Roman ... die heb je, postmodern, dan uit.
23 juli 2006
Der 35. Mai oder Konrad reitet in die Südsee, Erich Kästner
Das Pferd blickte die beiden mit seinen großen ernsten Augen verlegen an. „Sie waren mir von allem Anfang an so sympathisch“, sagte es. Zo'n zin is voor mij Kästner ten voeten uit. So sympathisch.
Kästner is ook in Nederland redelijk geliefd. Vooral "Das doppelte Lottchen" schijnt hier wel bekend. Het wordt vaak "Das doppelte Löttchen" en sommigen zijn zo enthousiast dat het zelfs "Das döppelte Löttchen" wordt. Doppelt gemoppelt of moet ik zeggen döppelt gemöppelt?
04 juli 2006
Geiseldrama in Dribbdebach, Frank Demant
Wat de leeservaring ook heeft beïnvloed, ik vond dit boek beduidend minder dan zijn voorganger. Het is een lang verhaal over een gijzeling in een bank. Weinig couleur locale en daar las ik het voor. Ineens had ik er genoeg van, ik bladerde naar het einde, even kijken of dat gijzeldrama alles was of dat er halverwege nog iets anders zou gebeuren. Het gijzeldrama was alles. Er zat een aardige twist aan het eind, maar alles bij elkaar was het een dun verhaal voor een heel boek. Ook vond ik het stilistisch minder. Misschien dat het daarin niet verschilde van de eerste episode, maar dat die zo charmant was dat ik de stijlfouten voor lief nam?
Klik op de foto (tram op de Schweizer Platz, buiging naar Simon Schweitzer) als je wilt lezen wat anderen ervan vonden.
10 juni 2006
Die Zugmaus, Uwe Timm
Die Zugmaus is een vriendelijk boek. Een muisje uit München dat vaak op het station foerageert, springt op een dag in een trein, vindt daar allerlei lekkere kruimeltjes en dan een zacht plekje waar het even weg dut en hup, het avontuur is begonnen. De trein vertrekt terwijl het muisje slaapt (ik typ steeds 'meisje' ...). Het muisje maakt van alles mee, reist een tijd door Duitsland, springt dan op een trein naar Zwitserland, ontdekt dat het daar echt geen paradijs voor muizen is, zoals zijn grootvader altijd had beweerd, de Zwitsers gooien nl. iedere kruimel netjes in de afvalbak, raakt bevriend met een Zwitserse muis, ze reizen samen verder, Parijs, Engeland, terug naar Hamburg en dan weer naar München.
Echt aardig, maar ook een beetje braaf. Ik houd het op de grotemensenboeken van Timm. Dit boekje geef ik dadelijk aan twee tweetalige jongetjes. 's Kijken wat zij ervan vinden.
07 juni 2006
Simon Schweitzer - immer horche, immer gugge, Frank Demant
Plaatje van het boek niet gevonden, dus een omgevingsplaatje van de voetgangersbrug over de Main, over de "Eiserner Steg" van Dribbdebach naar Hibbdebach.
O ja, en dat "immer horche, immer gugge" is een plaatselijk devies: "ogen en oren open" zouden wij zeggen, andersom, maar zelfde effect.
Klik op de foto als je wilt lezen wat anderen ervan vonden.
20 januari 2006
Eifel-Blues, Jacques Berndorf
11 januari 2006
Selige Witwen, Ingrid Noll
Adieu Ingrid Noll!
Abonneren op:
Posts (Atom)