Posts tonen met het label Tellegen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Tellegen. Alle posts tonen

14 augustus 2006

Een hart onder de riem, Toon Tellegen

Bij Querido zijn vier themabundeltje met verhalen van Tellegen verschenen: Een hart onder de riem (dierenverhalen vol troost), Maar niet uit het hart (dierenverhalen over afscheid), Met hart en ziel (dierenverhalen voor elk feest) en Na aan het hart (dierenverhalen vol vriendschap). Het zijn mooi verzorgde boekjes, heel geschikt als cadeau. Het troostboekje had ik weggegeven en is nu door omstandigheden weer bij mij. Ik zocht troost en vond het warempel in het eerste verhaal:

De eekhoorn was bedroefd. Weer had de wind hem overgeslagen en hem geen brief bezorgd.
Niemand denkt aan mij, dacht hij. Terwijl hij zelf wel aan duizend dieren dacht. Hij dacht aan de mier en aan het nijlpaard en aan de mug, en hij dacht aan de otter en aan de leeuw en aan de ekster, de beer, de wesp, de olifant, de mus. Hij dacht aan iedereen. Aan wie dacht hij niet?
‘Aan mij,’ zei een stem. De eekhoorn schrok op en keek naar buiten. Het regende en er was niemand te zien.
‘Hallo,’ riep hij.
‘Hallo,’ zei de stem.
‘Waar ben je, ik bedoel: wie ben je?’ riep de eekhoorn.
‘Ik ben hier.’
‘Hier?’
Toen zag de eekhoorn naast zijn deur, in een donkere hoek, helemaal opgevouwen, het nachtuiltje liggen.
‘O, ben jij het,’ zei de eekhoorn.
‘Zie je wel,’ zie het nachtuiltje. ‘Je dacht niet aan mij, terwijl ik al dagenlang aan jou denk!’
‘Aan mij?’
‘Aan jou!’ zei het nachtuiltje. ‘Kijk maar.’ En hij vouwde zijn vleugels open. De eekhoorn las, van de ene vleugel naar de andere:

Hallo eekhoorn,
Hoe gaat het met jou? Met mij gaat het goed, of eigenlijk niet zo goed omdat je nooit eens aan mij denkt. Denk je eens aan mij?
Nou dag!
Nachtuiltje


Toen vouwde het nachtuiltje zijn vleugels dicht, schudde zich een paar keer door elkaar en vouwde zijn vleugels weer open. Zij waren wit. Met ernstige, glanzende ogen gaf hij een takje aan de eekhoorn en de eekhoorn schreef:

Lief nachtuiltje,
Weet je, ik moet altijd een beetje aan je denken. Ik bedoel: voortaan. Want ik vind je lief. Schrijf je me gauw nog eens?
Dag!
Eekhoorn


Het nachtuiltje vouwde heel voorzichtig zijn vleugels dicht, steeg op en vloog weg. De eekhoorn ging naar binnen om in de stoel voor het raam een tijd te gaan nadenken.

07 februari 2006

De een en de ander, Toon Tellegen

en de een wil nog iets zeggen, iets over liefde,
       iets wat hij nooit zeggen zal,
en de ander wil nog iets verzwijgen,
       wat hij nooit verzwijgen kan.


De dierenverhalen van Tellegen zijn prachtig, wijs, verrassend, tijdloos. Allemaal mooi.
De gedichten van Tellegen spreken mij minder aan, er klinkt wanhoop uit, waar het in de verhalen verdriet of berusting is. Een aantal gedichten raakt mij wel. Ik heb De een en de ander achter elkaar gelezen. Uitdrukkingen als "taaie schemering", "de uitlopers van de dood" en "de waarheid verstoort het denken" blijven je bij. Bepaalde beelden duiken in verschillende gedichten op.
De gedichten bieden geen vrolijke kijk op het samenleven van mensen, wel een realistische en treffende.

De bundel is een BookCrossing-boek en moet reizen. Een aantal gedichten wil ik graag hier houden:

De een vraagt:
wanneer is leven geen leven meer?
De ander wijst hem aan:
dit kan ontbreken (rechtvaardigheid)
en dit (schoonheid)
en dit (vrede) ...
       wijst overal om zich heen
... en dan nóg is het leven.

De zon schijnt,
er zijn mieren en madeliefjes en kleine zwarte vliegjes,
e er zijn distels en klitten,
en in de verte de zee die glinstert en schittert.

En radeloosheid, vraagt de een,
kan dat ook ontbreken?
______________________________________________________

De een legt zich bij de feiten neer,
roept naar de ander: 'Moet je ook doen!
Ze zijn zó zacht en onnauwkeurig ...'

De ander gaat de feiten nog te lijf,
verscheurt ze, verdoezelt ze en gooit ze weg.
'Ik voer nog achterhoedegevechten!' roept hij
met schorre stem.

Buiten bloeien dahlia's en goudsbloemen
en een gele roos.

'Ik droom,' roept de een, 'nu de slordigste dromen ...'
En ik, denkt de ander, sterf een achterhoededood,
door iets verdwaalds geraakt.
______________________________________________________

De een wijst:
       zijn dat wonden?
       wat denk je, bloed je nu dood?

De ander houdt zijn pas in,
knijpt zijn ogen dicht -
voorbijgangers blijven staan,
stoten elkaar aan:
       hij denkt na ...
       wie ...
       die man daar ...
       waarover ...
       over doodbloeden, hij denkt over doodbloeden na ...

Dan doet hij zijn ogen weer open
en zegt zacht:
       wat weet ik van doodbloeden af?
______________________________________________________

Ik moet sterk zijn, denkt de een,
ik moet mijzelf serieus nemen,
er mag niets knagen aan de fundamenten
van mijn bestaan -

maar op een ochtend, in het bestek van één enkele seconde,
houdt hij niet meer van de ander,
'nét niet meer,' zegt hij -
er vaart een schip voorbij -
'er hoeft maar dít te gebeuren' -
en mussen tsjilpen, kinderen hinkelen en zingen,
vallen op hun gezichten -
'of ik houd weer van jou,'

het verschil is klein, pijnlijk en onvindbaar.


Klik op de foto als je wilt lezen wat anderen ervan vonden.